Toewijzingsregels

Op het moment dat een woning/appartement vrijkomt wordt overgegaan tot de toewijzing ervan. De toewijzing geschiedt volgens de geldende toewijzingsregels (BVR 12 oktober 2007).

1. Rationele bezetting

Hieronder worden de optimale keuzes aangegeven volgens gezinssamenstelling.


Aan een kandidaat-huurder, die zich inschrijft voor een woning die niet voldoet aan de rationele bezetting volgens zijn/haar gezinssamenstelling, kan de woning hem/haar slechts worden toegewezen, indien de gezinssamenstelling de rationele bezetting het meest benadert, voor zover er voor die woning geen andere kandidaat-huurders met een aangepaste rationele bezetting zijn ingeschreven.

 

GEZINSSAMENSTELLING

WONINGEN

GEZINSWONINGEN

APPARTEMENTEN

1 slk

2 slk

2slk

3slk*

3slk

4slk

5slk

0slk

1slk

2slk

3slk

4slk

Alleenstaanden + 0 pers.

X

X

 

 

 

 

 

X

X

X

 

 

Koppels + 0 pers.

X

X

 

 

 

 

 

 

X

X

 

 

All. of Koppels + 1 pers.

 

X

X

X

 

 

 

 

 

X

X

 

All. of Koppels + 2 pers. hetzelfde geslacht

 

X

X

X

X

 

 

 

 

X

X

X

All. of Koppels + 2 pers.

 

 

 

X

X

 

 

 

 

 

X

X

All. of Koppels + 3 pers.

 

 

 

X

X

X

 

 

 

 

2. De wettelijke voorrangsregels

1)     Een kandidaat-huurder of een van zijn gezinsleden met een fysieke handicap of beperking, voor een daartoe geschikte en speciaal voorziene woning.

2)     Een huurder van onze maatschappij, waarvan de gezinssamenstelling niet voldoet aan de maximale bezettingsnorm.

3)     Een huurder van onze maatschappij, die omwille van grondige renovatiewerken moet verhuizen

4)     Een kandidaat wiens verhaal ontvankelijk en gegrond werd verklaard

5)     Een kandidaat die, overeenkomstig de procedure inzake de programmering en subsidiëring van operaties en werken uitgevoerd voor sociale huisvestingsdoeleinden, opnieuw moeten worden gehuisvest.

6)     Een huurder van onze maatschappij, die wenst te verhuizen naar een woongelegenheid aangepast aan de rationele bezetting.

7)     Een kandidaat die een woning werd toegewezen aangepast aan een geplande gezinshereniging, waarvan de gezinshereniging nog niet heeft plaatsgevonden en bijgevolg deze te grote woning niet kon toegewezen worden, heeft voorrang voor een aangepaste kleinere woongelegenheid.

8)     Een kandidaat die in een onroerend of roerend goed woont dat niet hoofdzakelijk bestemd is voor wonen.

9)     Een kandidaat die in de gemeente waar de toe te wijzen woning gelegen is, zijn/haar hoofdverblijfplaats heeft :

a)     In een, overeenkomstig art. 135 van de Nieuwe Gemeentewet, onbewoonbaar verklaarde woning, waarvan de ontruiming noodzakelijk is.

b)    In een, overeenkomstig art. 15 van de VWC, onbewoonbaar of ongeschikt verklaarde woning, waarvan de ontruiming noodzakelijk is. Dit voor zover de woning minstens drie gebreken van categorie III onder de hoofdrubrieken “Omhulsel” of “Binnenstructuur” ofwel minstens drie gebreken van categorie IV en 60 strafpunten heeft gescoord.

10)   Een kandidaat die zijn hoofdverblijfplaats had in een woning op de datum waarop die woning deel uitmaakt van een onteigeningsplan.

    Eenzelfde woning of onroerend goed kan slechts eenmaal aanleiding geven tot de 8), 9) en 10) vermelde voorrang. Om in aanmerking te komen voor de in 8), 9) en 10) vermelde voorrang moet de kandidaat de woning of het onroerend goed sedert ten minste zes maanden bewoond hebben. Bovendien wordt de voorrang enkel verleend indien de kandidaat zich maximaal twee maanden na het proces-verbaal of datum van ongeschikt- of onbewoonbaarheidsverklaring heeft laten inschrijven.

 

11)      De kandidaat-huurder die een ontvoogde minderjarige persoon.

De wettelijke voorrangsregels 8) & 9) gelden slechts één keer. Indien de betrokken kandidaat een eerste aanbod, dat overeenstemt met zijn/haar keuze en gezinssamenstelling, weigert, kan de kandidaat geen aanspraak meer maken op deze voorrangsregels. De kandidaat-huurder die geniet van voorrangsregel 6) verliest na twee weigeringen het recht op deze voorrangsregel.

3. De optionele prioriteiten: prioriteit gemeente

Na beslissing door de Raad van Bestuur op 30 oktober 2007 wordt prioriteit verleend aan kandidaten die ten minste drie jaar inwoner zijn van de gemeente waar de toe te wijzen woning gelegen is of er drie jaar inwoner geweest zijn in de laatste zes jaar, vervolgens aan kandidaten die ten minste drie jaar inwoner zijn van een gemeente van het werkgebied van onze maatschappij (Harelbeke, Waregem, Deerlijk, Wielsbeke, Dentergem, Lendelede, Anzegem, Oostrozebeke, Zwevegem, Avelgem) of er drie jaar inwoner geweest zijn in de laatste zes jaar.

Deze regel kan – afhankelijk van het aantal ingeschreven kandidaten – een ernstige impact hebben op de wachttijd van een kandidaat. Een kandidaat die niet geniet van de voorrangsregel “prioriteit gemeente” heeft in gemeenten met lange wachtlijsten betrekkelijk weinig kans om in aanmerking te komen voor een sociale woning of appartement. Dit omdat van zodra een kandidaat zich inschrijft, die wel geniet van de voorrangsregel “prioriteit gemeente” deze onmiddellijk vóór de kandidaten zonder prioriteit gemeente gerangschikt worden.

4. Lokale toewijzingsreglementen

Iedere gemeente kan via een goedgekeurd lokaal toewijzingsreglement bijkomende of aanvullende regels vastleggen.

Op vandaag is dit - voor wat onze maatschappij betreft - enkel het geval in Harelbeke, Deerlijk, Waregem, Ooigem & Wakken

Een aantal woongelegenheden met 1 of 2 slk worden eerst toegewezen aan personen van 65 jaar of ouder.
Deze worden op de keuzelijst aangeduid met de vermelding (SENIOREN). In Beveren-Leie, Desselgem en Heestert wordt de 'prioriteit gemeente' ook anders ingevuld (zie intern huurreglement): drie jaar in (groot)Waregem wonen of gewoond hebben in de laatste 10 jaar.