Huurprijsberekening

 1 Verklarende woordenlijst

 

  • Basishuurprijs : Op basis van de schattingen van de notaris werden er marktwaarden bepaald. Een basishuur is de indexatie van de marktwaarde aan de hand van de gezondheidsindex.
    De basishuur, die vermeld staat in uw berekeningsnota is eveneens het maximum dat U kan betalen voor uw sociale huurwoning of -appartement, dit jaar.
  • Minimale huurprijs : De minimale huurprijs wordt geïndexeerd volgens de gezondheidsindex. Dit bedrag is het minimum dat u dit jaar voor uw sociale huurwoning of -appartement kan betalen.
  • Patrimoniumkorting : Huurders met eenzelfde inkomen zouden normaal eenzelfde huurprijs betalen, ongeacht de aard van de woning. Om de huurprijs toch afhankelijk te maken van de aard van de woning wordt een patrimoniumkorting toegekend.
    Bijvoorbeeld: Een sociale huurder die een kleine, oudere gezinswoning huurt zal minder huur betalen dat een sociale huurder met hetzelfde inkomen die een grotere, nieuwe woning huurt.
  • Energiecorrectie : Voor een woning die wat betreft energieprestatie duidelijk sterker presteert dan de normen van de VMSW, kan een prijsverhoging worden toegepast. voor een woning die wat betreft energieprestatie duidelijk zwakker presteert dan de normen van de VMSW, kan een vermindering worden toegepast ( deze korting wordt nog niet toepast).
  •  Sociale korting : Dit is het verschil tussen de reële huur en de basishuurprijs.
  • Solidariteitsbijdrage : De huurprijsberekening vanaf 01/01/2019 wordt gewijzigd door het invoeren van de solidariteitsbijdrage. Inkomens die een vastgelegde inkomensgrens overschrijden zullen zwaarder doorwegen in de huurprijsberekening. De mate van overschrijding bepaalt het gewicht van het inkomen in de huurprijsberekening. De aangepaste huurprijs wordt momenteel berekend op basis van 1/55ste van het geïndexeerd inkomen. Vanaf 01/01/2019 betalen huurders met een hoger inkomen een groter aandeel in de huurprijsberekening. Zo neemt u:
    • 1/54ste, als het inkomen hoger is dan de toepasselijke inkomensgrens, maar lager dan 125% van de toepasselijke inkomensgrens
    • 1/53ste, als het inkomen gelijk of hoger is dan 125% van de toepasselijke inkomensgrens, maar lager dan 150% van de toepasselijke inkomensgrens
    • 1/52ste, als het inkomen gelijk of hoger is dan 150% van de toepasselijke inkomensgrens.

    Een huurder betaalt nooit meer dan de basishuurprijs.

    De inkomensgrenzen voor 2019 zijn:

    ·         € 24 852 voor een alleenstaande persoon zonder personen ten laste

    ·         € 26 934 voor een alleenstaande persoon met een handicap

    ·         € 37 276, verhoogd met € 2084 per persoon ten laste, voor anderen. 

  • Gezinskorting : Iemand is ten laste als die persoon kinderbijslaggerechtigd is en/of 66% invalide RIZIV erkend is

 

 

Kind ten laste

Kind ten laste

(niet bij u gedomicilieerd)

Volwassene

 

Geen invaliditeit

19

9,5

-

Invaliditeit (66%)

38

19

19

 

 

 

 

LET OP!
Als een omgangsregeling loopt voor de kinderen is een andere verdeling van toepassing:

 

       

Huurt uw ex-partner een sociale

woning?

JA

NEEN

Is het kind bij u

gedomicilieerd?

JA

€ 9,5

€ 19

NEEN

€ 9,5

€ 9,5

 

       

 

U moet ons echter de juiste documenten (vonnis, akte, ...) en een verklaring ondertekend door u en uw ex-partner bezorgen om de korting te ontvangen.

2 Vaststelling van de huurprijs

De reële huurprijs wordt bepaald via:

  • het inkomen van de huurder (cfr.zie hierboven)
  • het aantal personen ten laste
  • patrimoniumkorting

De reële huurprijs mag niet

  • hoger zijn dan de marktwaarde
  • lager zijn dan de minimale huurprijs

Daarna dienen wij de huurlasten nog bij te tellen, de eventuele huurtoelagen af te trekken en andere verhuringen (bv. garage) bij te tellen. Het resultaat van dit alles, is wat u betaalt.